Schubert, Der Tod und das Mädchen – La Chapelle Sauvage. Schubert’s strijkkwartet Nr. 14 in D mineur, beter bekend als “Der Tod und das Mädchen”, is een van de grote pijlers van het kamermuziekrepertoire. Schubert componeerde dit meesterwerk als zijn testament nadat hij zich realiseerde dat hij stervende was door een terminale ziekte. Het duurde nog tot 1831, drie jaar na zijn dood, vooraleer het werk gepubliceerd werd. Toch groeide het meteen uit tot een van s’werelds meest geliefde en uitgevoerde muziekwerken. Hiermee drukte Schubert voorgoed zijn stempel op de verdere ontwikkeling van de muziekgeschiedenis.
Ten tijde van Schubert gold muziek meer dan ooit als een medium om woordeloos gedachten en thema’s te communiceren. Dit werk is dan ook een duidelijke uitnodiging om stil te staan bij de eindigheid van het aardse leven om datgene te ontdekken dat echt van tel is. Onthechting en ontvankelijkheid gelden hierbij als sleutelwoorden. Een uitnodiging tevens om op parabelse wijze de overweging verder te trekken naar het jonge meisje dat “fiat” antwoordde op de vraag om moeder van Gods Zoon te worden en zo ook Moeder van Smarten werd.
Uitvoerders: La Chapelle Sauvage Liudmila Harbuza (Belarus), viool I Joanna Staruch-Smolec (Polen), viool II Alma Möller (Zweden), altviool Artem Shmahaylo (Oekraïne), cello
Info en tickets €15 via het Dekenaal secretariaat Kaaistraat 3 B-9800 Deinze 0493 13 83 41 of passieconcerten@gmail.com
Zomeractie ‘Lucien op de kaart’ bekroont honderd winnaars in Petegem-aan-de-Leie De zomeractie ‘Lucien op de…
Het Leietheater opent opnieuw de deuren van de filmzaal voor een gevarieerd filmaanbod op dinsdag-…
Op zondag 20 september organiseert Groen-Deinze van 14 tot 17 uur opnieuw haar jaarlijkse Bio-Ecomarkt…
Voor 2026 staat de teller in de politiezone momenteel al op 408 geregistreerde feiten en…
De Souplexbrug over de Martinusvijver krijgt een nieuwe toplaag. Die maakt het brugdek veiliger voor…
Op 13 september staat Wontergem centraal tijdens Open Monumentendag. Honderd jaar nadat Wontergemnaar Lucien Buysse…